Introductie

Een kleine stukje over mijzelf, mijn duiven en de verzorging daarvan.

roy_abels_1Ik ben Roy Abels, thans 34 jaar. Ik heb een eigen dakdekkersbedrijf. Ik ben geboren in de gemeente Margraten (in de Molt) en was als kleine jongen al (jeugd)lid van de plaatselijke vereniging. Ik had mijn eigen hokje en was vader, ook een fervent duivenmelker, vaak te snel af.  Van zowel vaderskant als moederskant waren mijn opa’s ook duivenmelkers. Hun hokken stonden in Gulpen en Eys, ik was daar regelmatig op de hokken te vinden. Toen opa Schmitz in Eys sukkelde met zijn gezondheid heeft Roy er drie jaar lang de duiven verzorgd. Elke dag reed hij twee keer op en neer vanuit Sittard naar Eys en terug.

In 2010 ben ik gaan samen wonen met mijn lieftallige echtgenote Charlotte aan de Abshoven in Munstergeleen wonen. Datzelfde jaar zaten er al vier koppels duiven in het schuurtje. Een jaar later bouwde ik een tuinhok en werd er voor het eerst vanaf dit adres gevlogen. Later is er nog een hokje voor jonge duiven en een ren voor de kweekduiven en late jongen bijgebouwd. Opa Schmitz heeft mij steeds voorgehouden om de duivensport op een “eenvoudige wijze” te bedrijven. Van opa Schmitz kreeg ik ook de wijze lessen mee over de duivensport.

duivenhok2016

De eerste duiven welke de nieuwe hokken gingen bevolken kwamen allen van opa Hub Schmitz uit Eys. Jammer genoeg is er van de afstamming van deze duiven weinig bekend. Wel heb ik iets terug kunnen vinden dat er duiven zaten van Math Krauth en zoon Jan uit Meersen. Ook ruilde opa Hub duiven met Huub Smeets uit Mechelen uit diens beroemde Barcelona duiven. Ook duiven van Harry en Roger Wijnands uit Maastricht kwam ik tegen. Opa Hub vloog jaren zeer goed op de ZLU vluchten. Helaas was hij geen administrateur en is er haast niets van prestaties en afstamming terug te vinden. Van achterneef Geert Schmitz uit Simpelveld zitten er ook duiven. Daarnaast kreeg Roy de vader van zijn “Super 913” van Lei Heldens uit Landgraaf.

Samen met mijn oom Helmuth Schmitz uit Eys, die met de duiven van mijn oom Hub verder vliegt, heb ik  een soort gezamenlijk kweekhok, bestaande uit 8 koppels uit afstammelingen van duiven van voornoemde liefhebbers. Eén koppel zit momenteel bij hem thuis.

Spel en verzorging

Ik heb mijn spel afgestemd op de drie fondvluchten met morgenlossing en enkele ZLU vluchten. Hiervoor beschikt hij over dertig vliegkoppels, waarvan ca. de helft jaarlingen.

Begin maart worden de vliegduiven gekoppeld en worden de eitjes van zijn beste vliegduiven verlegd en mogen ze zelf voor een koppel jongen gaan zorgen. Als de jonge duiven ca. 16 dagen oud zijn neemt hij een jong en de duivin weg en plaats ze op het hok van de jonge duiven. De doffer brengt het andere jong groot. Na het groot brengen van de jonge duiven mogen ze nog eens een tiental dagen broeden en worden ze gescheiden. De doffers zitten in twee afdelingen in hun woonbak, terwijl de duivinnen in de afdeling ernaast zitten. Ze hebben schabjes ter beschikking. Van nu af zitten ze op weduwschap. Inmiddels zit ook het spel al op de wagen en na drie opleervluchtjes van ca. 30 km gaan de duiven vanaf het begin van het programma wekelijks mee. Indien het weer het toelaat tot ca. 500 km. Op de korte vluchtjes klokt hij ook zijn duiven en soms weet hij iedereen te verassen met kopprijzen en een fijne serie. De koppels komen tot ca. 360 km voor het inkorven niet samen. Alleen bij thuiskomst mogen ze enkele uurtjes samen. Daarna komen ze voor het inkorven wel samen voor een tweetal uurtjes en eveneens na de vlucht.

In het begin van het seizoen gaan de doffers en duivinnen alleen ´s avonds los voor een training. Is het weer stabiel dan gaan de doffers er ´s morgens om 5 uur uit. De duivinnen trainen in de avond rond 19 uur. Hierna zijn de jonge duiven aan de beurt en het is soms schermerachtig voor ze weer binnen zijn.

Het hele vliegseizoen krijgen zowel de doffers, duivinnen en jonge duiven Versele Sport in de voerbak en wel volle bak voor een uurtje. Restanten gaan naar de jonge duiven. Na het verzorgen van de duiven gaan de drinkbakken ook van het hok en worden gereinigd voor de volgende drinkbeurt. Alleen bij echt warm weer blijft de drinkbak er langer op. Dit had hij geleerd van opa Hub. Om besmetting via de drinkbak te voorkomen.

In het hok is grit en vitamineral steeds ter beschikking.

Voor eigen spel heeft hij een zestigtal jonge duiven ter beschikking. Ca. 20 stuks zijn afkomstig van het gezamenlijke kweekhok met Helmuth Schmitz. De overigen zijn gekweekt uit de vliegduiven. Ze worden niet verduisterd en gespeeld tot ca. 300 km. Ze krijgen in hoeveelheid iets minder vliegmengeling dan de oude duiven en trainen in het begin een maal daags, ´s avonds en tijdens het jonge duivenspel twee keer daags. Hij brengt ze zelf drie keer naar 30 km eer ze mee gaan met de vereniging.

De jonge doffers en duivinnen welke hem goed aanstaan gaan na het spel naar het hok van de oude duiven.

De oude duiven broeden na het seizoen twee keer op eitjes en beginnen dan aan de rui. In de ruiperiode krijgen de duiven een goede ruimengeling en zit er knoflook in het water. In maart komen de duiven weer los.

Medisch schema van Peeters As.

Om de duiven gezond te houden wordt er drie keer per jaar dr. Peeters uit As bezocht voor een controle. Op diens advies wordt gehandeld, of niet.

Verder volg ik in grote lijnen het `Fondschema` van dr. Peeters.

Verder wordt er twee maal daags grondig gepoetst.

Reacties zijn gesloten.